Waar is Allaah?

Uit: al-Qawloel-Moefied fie Adillatit-Tawhied
De Profijtvolle Uitspraken Betreffende Bewijzen voor de Tauwhied
(het document waar dit uit komt is te downloaden als je op Bron klikt)
Bron Shaykh Muhammad ibn 'Abdulwahhaab ibn 'Ali al-Yamani al-Wassaabi


Allaah de Verhevene zegt:
“De Barmhartigste is gezeteld boven de Troon.” [Soerah Taa Haa 20:5]

En Allaah de Verhevene zegt:
“Vervolgens zetelde Hij zich boven de Troon.”

Dit komt voor op zes plaatsen in de Qor'aan:
[1]: Soeratoel-A`raaf [7:54]
[2]: Soerah Yoenoes [10:3]
[3]: Soeratoer-Ra`d [13:2]
[4]: Soeratoel-Foerqaan [25:59]
[5]: Soeratoes-Sadjdah [32:4]
[6]: Soeratoel-Hadied [57:4]

En Allaah de Verhevene zegt:
“En Hij is de Krachtige, boven Zijn dienaren…” [Soeratoel-An`aam (6):18, 61]

En Allaah de Verhevene zegt:
“Zij vrezen hun Heer boven hen en zij doen wat hen is opgedragen.” [Soeratoen-Nahl (16):50]

En Allaah de Verhevene zegt:
“Naar Hem stijgen de goede woorden (van lezen, tasbieh, tahmied en tahliel) op, en de vrome daden (van de daden van het hart en de ledematen) verheft Hij (Allaah Ta’ala ook naar Zich toe, zoals de goede woorden –S’adie).” [Soerah Faatir (35): 10]

Op gezag van Abie Hoerayrah (radiallaahoe 'anhoe):
“De Boodschapper van Allaah (salallaahoe 'alayhie was sallem) heeft gezegd:

“Toen Allaah de schepping schiep, schreef Hij in Zijn Boek dat bij Hem was boven de Troon:
Mijn Genade heeft Mijn Woede overwonnen.””
1

Op gezag van Moe’aawiyah Ibnoel-Hakam as-Soelamie (radiallaahoe 'anhoe) die zei:

“Ik had eerst schapen tussen (de bergen van) Oehoed en al-Djoewaaniyah. En ik had daar een slavenmeisje en ik ging er op een dag heen om haar te controleren. Toen ik daar arriveerde, kwam ik er achter dat een wolf een van de schapen had opgegeten. En ik, met spijt, ben een man van de zonen van Adam, en ik sloeg haar. En ik kwam bij de Boodschapper van Allaah (salallaahoe 'alayhie was sallem), en ik vertelde het aan hem. Ik beschouwde het als een ernstige zaak van mij, dus zei ik: “O Boodschapper van Allaah, zal ik haar niet vrij zetten”’ Hij zei: “Roep haar.” En dus riep ik haar. Toen zei hij tegen haar: “Waar is Allaah?” Ze zei: “Boven de hemel.” Hij zei: “Wie ben ik?” Ze zei: “[U bent] de Boodschapper van Allaah.” Hij zei: “Laat haar vrij, want waarlijk zij is een gelovige.”” 2

Op gezag van Abie Sa`ied al-Choedrie (radiallaahoe 'anhoe):
“De Boodschapper van Allaah (salallaahoe 'alayhie was sallem) zei:

“Zal je me niet vertrouwen terwijl ik word vertrouwd door Hij die boven de hemelen is? Nieuws komt tot mij vanuit de hemelen in de ochtend en de avond.”” 3

Ik zeg dat er veel aayaat en ahaadieth zijn betreffende dit onderwerp, zoveel dat Ibn Abil-‘Izz zei in Sharhoel-`Aqiedatoet-Tahaawiyyah (blz. 288): “En als deze bewijzen bij elkaar werden gehaald, dan zouden ze ongeveer duizend bereiken.”
Ik zeg dat, passend bij het belang van dit onderwerp, de mensen van de kennis van het verleden en het heden erover hebben geschreven. Onder hen ook Iemaam adh-Dhahabie die al-‘Oeloeww lil-‘Aliyyil-Ghaffaar schreef, en raadpleeg de verkorting door de Iemaam al-Moehaddith Mohammed Naasiroed-Dien al-Albaanie (rahiemehoellaah).

------------------------------------------------
1 Overgeleverd door al-Boechaarie (nr. 3022,6969,6986) en Moslim (3/2107)
2 Overgeleverd door Moslim (1/372) Ahmed (2/291) en al-Bayhaqie (7/388), hij is authentiek
verklaard door Shaych al-Albaanie in Moechtasiroel-`Oeloeww (nr. 1). Na deze hadieth voegde
Shaych al-Albaanie toe: “Er zijn in deze overleveringen twee zaken: Ten eerste: De Sharie’ah
staat de Moslims toe te vragen: Waar is Allaah? Ten tweede: Het antwoord van de ondervraagde
is: Boven de hemel. Dus wie ook één van deze zaken ontkent, dan ontkent hij al-Moestafaa
(salallaahoe 'alayhie was sallem).” Moechtasiroel-`Oeloeww (blz. 68).
3 Overgeleverd door al-Boechaarie (nr. 4094) en Moslim (nr. 1064)